Het Spaanse avontuur met F.D. Cassanenc was haar laatste krachttoer.
Het is een zichtbaar ontspannen Karen die ons te woord staat in een exclusief interview bij haar thuis: "Ik begon er tegenop te zien om te gaan trainen. Dit seizoen trainde ik slechts 1 à 2 keer per week, voldoende om mijn niveau te behouden maar ik ging niet meer vooruit. De uitdaging was weg: in België speel je bijna constant tegen dezelfde speelsters. Sinds 2008-2009 is ook de nationale ploeg stilaan uit elkaar gevallen. Tafeltennis is voor mij altijd een hobby geweest en nu de passie ervoor wegvalt… Ik ben bovendien niet gemaakt om slechter te spelen, ik wil in alles wat ik doe vooruit gaan."
Het speelde al langer in het hoofd van de sinds 2005 beste Belgische speelster: "Ik heb in heel mijn carrière heel veel geluk gehad met al mijn clubs. Dit jaar koos ik voor Deinze, maar door heel wat communicatieproblemen met het bestuur zag ik het steeds minder zitten om er te spelen. De uitdaging om een vijfde Belgische titel te behalen zette me aan om via contacten nog in Spanje aan de slag te gaan. Een heel uitdagende competitie op hoog niveau waar het mogelijk is om halverwege nog aan te sluiten. Uiteindelijk ben ik tweede speelster geworden bij F.D. Cassanenc (Girona). De druk om de ploeg in de Spaanse Superdivisie te houden heeft me nog een laatste push gegeven. De focus voor het Belgische kampioenschap was er al sinds oktober/november. De dag zelf heb ik, ondanks dat ik zenuwachtiger was dan op andere BK's, bijzonder goed gespeeld. Ik vind het dan ook fantastisch om die vijfde titel behaald te hebben en beschouw het ook als een mooi orgelpunt."
Karen Opdencamp kijkt met een positief gevoel terug op haar carrière: "Het was fantastisch om bij Heerlen mee te draaien met topspeelsters als Li Jiao en Ni Xia Lian. Ik was dan misschien wel reservespeelster voor de Champions League, waar we de titel behaalden, maar ik hoorde echt bij het team. Hét mooiste uit mijn spelersloopbaan is toch de kwartfinale in de ETTU Cup met het Portugese Ponta do Pargo. Ik won toen van de Poolse Stefanska, het nummer 170 in de wereld, én we wonnen de thuiswedstrijd met 3-2. Het is fantastisch spelen met 700 supporters die achter je staan. Toch heb ik het gevoel dat ik meer uit mijn carrière zou kunnen gehaald hebben. Mits de juiste begeleiding achtte ik me in staat om de top-150 of zelfs top-100 te bereiken."
Het dieptepunt voor Karen ligt enerzijds in het voorbije halve seizoen bij Deinze, anderzijds in de steun die ze van de VTTL te weinig kreeg: "Er zijn in het verleden wel wat discussies geweest tussen mij en de topsportfederatie. Sinds eind 2003 had ik echter het gevoel dat er te weinig geloof was in mij. Ilse Sallaerts werd bijvoorbeeld gekozen om naar het EK te gaan, zonder dat er enige communicatie daarover met mij was. De VTTL dacht dat ze op dat moment voldoende voor me deden, maar dat voelde voor mij helemaal anders. Ik ben toen overgestapt naar de Waalse vleugel van de Belgische tafeltennisbond. In 2005 heb ik kunnen laten zien waar ik toe in staat was door mijn eerste BK te winnen, met onder meer winst tegen Martine Hubert. Ze hebben me toen nog vlug opgenomen in het team voor het WK." Ze geeft ook aan wat volgens haar de oorzaak is van het dispuut: "Er waren naar mijn gevoel te weinig doelstellingen en evaluaties. Een doel als de beste speelster van België worden is op zich goed, maar er mag gerust het lef zijn om verder te kijken. Toch ben ik hen dankbaar voor alles wat ze voor mij hebben gedaan. Het meeste wat ik heb bereikt is toch wel dankzij die structuur. Op 10 jaar tijd is er overigens veel verbeterd, mede dankzij de hogere subsidies die de federatie heeft bekomen. Toch blijft het spijtig om te zien dat er geen coach is voor de senioren, noch dat er stages voor die groep worden georganiseerd. Vooral als je weet dat je in onze sport piekt rond de leeftijd van 27. Er is naar mijn mening ook te weinig opvolging, maar misschien zie ik het zo omdat ik dat zelf nodig had."
Opdencamp ziet de toekomst van het Belgische tafeltennis hoopvol in, maar heeft toch enkele zorgen: "Langs beide kanten van de taalgrens zijn er voldoende talenten. De toekomst van het Belgische tafeltennis wordt volgens mij echter gehypothekeerd door de tegenstelling tussen de Vlaamse vleugel en haar Waalse tegenhanger, vooral dan bij de heren. Verder was de sterkte van de generatie Bogaerts/Billen vooral het harde trainen met een duidelijk plan voor ogen. Dat was er te weinig in mijn periode en daar zie ik sindsdien te weinig verandering in. Ook is overleg met de spelers heel belangrijk. Ze moeten weten wat er gedurende het seizoen van hen wordt verwacht, wanneer en waar ze op stage gaan, …"
De keuze om het palet aan de haak te hangen was niet eenvoudig: "Het was uiteindelijk een moeilijke beslissing om te nemen, maar nu heb ik wel de vrijheid om ook andere sporten die ik graag doe te beoefenen. Dit weekend speelde ik bijvoorbeeld het internationaal racketlon-tornooi in Oudenaarde. Verder wil ik graag meer lopen en fietsen." Karen laat het tafeltennis niet helemaal los: "Ik train een talentvolle speelster bij Sven Salamander en zal me bij die club ook aansluiten. Tom (haar levenspartner, nvdr) speelt daar ook. Ik heb echter duidelijk aangegeven dat ze me als reservespeler moeten beschouwen want trainen laat ik echt achterwege. Zeg nooit nooit, maar ik zie me mentaal niet in staat een comeback te maken. Of ik het zie zitten om de nationale dames te coachen? Dat zou ik waarschijnlijk heel graag doen, maar in de huidige situatie zie ik er toch teveel tegenop."
zondag 05 juni 2011 20:10 | | Interviews